Wanneer is het genoeg?

Niet goed genoeg

Ik maak me zorgen. Overal om me heen zie ik mensen van jong tot oud worstelen. Telkens komt hun strijd neer op dezelfde overtuiging: ik ben niet goed genoeg. Deze zin hoor ik steeds weer opnieuw uitgesproken worden. Zowel door een kind in groep vier als door een volwassen man van veertig jaar. Hoe kan het dat zo’n grote groep mensen deze overtuiging deelt? Is het onderdeel van ons mens zijn? Hebben we daarom zo’n grote behoefte aan meten hoeveel iemand waard is? Want meten is weten ten slotte.

Je waarde meten

Ik zie zowel in het onderwijs als in het leven van de werkende mens een enorme behoefte aan meten. We beginnen al op jonge leeftijd bij het consultatiebureau met meten of een mens wel in de curve past. Zo niet, dan moet er ingegrepen worden. Op de basisschool trekken we deze lijn door. We gaan nu verder met het meten van kinderen door ze telkens weer te toetsen. Ook al is er inmiddels veel weerstand tegen deze manier van werken; scholen hebben geen keuze. Ze moeten wel, ook al voelt het niet goed voor veel leerkrachten en schoolleiders. Veel kinderen lopen vast en bezwijken onder de zware druk tot presteren. De enorme wachtrijen in de jeugdhulpverlening spreken hierin voor zich. Er wordt dan maar weer eens een mindset training er tegenaan gegooid.

Maakbare mindset

Want een groeimindset is belangrijk. Daar is iedereen het over eens. Het gaat niet om de prestatie, maar of je je best ervoor gedaan hebt. Je inzet, dat is wat telt. Maar op het moment dat een kind keihard gewerkt heeft voor een toets en een zes haalt, is het ineens niet meer de inzet die telt. Het kind dat niets hoeft te doen en toch een negen haalt, dat wordt beloond. Sommige scholen werken zelfs in de klas met een scorebord. Dit is verdeeld in drie kleuren, groen, geel en rood. Er worden nog smileys aan verbonden om het nog duidelijker te maken.Je raadt het al; de rode kleur krijgt een smiley met de mond naar beneden gebogen.. En zo kan het dat het kind dat het meeste werk verzet heeft onderaan in het rode schema komt te staan. En daar misschien wel altijd blijft omdat het simpelweg worstelt met de schoolse vaardigheden. Waar ik me zorgen om maak is wat deze manier van werken doet met het zelfbeeld van een kind. Want als ik een kind vraag wat het het allerliefst zou willen, krijg ik als antwoord: “ik zou wel eens voor één keer in het groen willen staan en geen “rood kindje” zijn. Mijn hart slaat dan een slag over omdat ik tegelijkertijd boos en verdrietig ben om wat we kinderen aandoen.

In de war

Ik zie overal de posters voor groeimindset hangen. Prachtige teksten staan erop. Niet het einddoel telt, maar je weg ernaartoe. Inzet, hard werken en doorzetten, dat is wat belangrijk is. Maar kinderen zijn toch niet gek? We zeggen dit, maar tegelijkertijd duwen we ze toets na toets door hun keel. Kinderen raken vooral enorm in de war van dit alles, is mijn idee. Als je inzet belangrijk vindt, dan moet je dat belonen. Maar dat is niet zo makkelijk. En dus gaat het uiteindelijk maar om één ding en dat is de prestatie. Want die is meetbaar. Als ik in gesprek ben met een middelbare school over een meisje van veertien dat na een depressie en schooluitval terug wil keren naar school, wordt de vraag gesteld of het mogelijk is voor de mentor om even te vragen hoe het met haar gaat na de eerste les. Hier wordt direct op gereageerd dat dit echt niet mogelijk is. Een docent heeft enkel tijd om zijn lesstof af te draaien, maar kan niet zo’n vraag aan een leerling stellen. Daar is simpelweg geen tijd voor. En weer raakt het kind in de war. Want bij de aanmelding is gezegd dat het welzijn van ieder kind voorop staat. Het is belangrijk hoe jij je voelt in deze school. We hebben alleen geen tijd om het aan je te vragen…

Van klein naar groot

Deze lijn zetten we natuurlijk als volwassenen gewoon door. We meten als volwassenen voornamelijk in één ding hoe hoog je op de ladder staat, namelijk met geld. Het is belangrijk dat je gaat studeren, zodat je hoger opgeleid bent en dus een betere baan kunt krijgen. Hoe meer geld je verdient, hoe meer je waard bent. Maar ja, hoe zit dat dan wanneer je gewoon veel meer praktisch ingesteld bent? Wat als jij super met je handen kunt werken? Dat verdient niet het aanzien en dus zitten we met een maatschappij die een VMBO schooladvies zelfs per rechter aanvecht. Ik heb een meisje gesproken van twaalf jaar dat eigenlijk al in de brugklas van het VMBO vond dat zij nooit zou slagen in het leven. Met VMBO bereik je toch niks, zei ze. Ik ben gewoon dom.

Burgemeester

Mijn opa zei het vroeger al: “Niet iedereen kan de burgemeester worden, dan functioneert een stad niet.” Je hebt alles nodig om een stad of maatschappij te laten slagen. Van bakker tot advocaat, van agent tot accountant, van bouwvakker tot bankier, van leerkracht tot professor en van automonteur tot dokter. We hebben ze allemaal nodig om een maatschappij te kunnen laten draaien. Maar ergens zijn tot de conclusie gekomen dat die bakker, bouwvakker, automonteur minder waard zijn dan de advocaat of bankier. We betalen de mensen die hun leven wagen voor anderen veel minder geld dan iemand die verantwoordelijk is voor ons geld. Dat zegt al wel iets toch? We noemen mensen lager opgeleid en dit heeft tot gevolg dat kinderen allemaal theoretisch opgeleid willen worden. Wie wil er nu in zijn tienertijd al als “lager” bestempeld worden? Wie of wat heeft bepaald wat lager of hoger is? En dus zie ik kinderen worstelen op de HAVO en het HBO om toch maar te komen waar ze denken te moeten zijn om te slagen in het leven. Om genoeg te zijn..

Zorgen en hoop

Ik maak me zorgen. Zorgen om wat we elkaar aan het aandoen zijn. Op deze manier gaat het toch niet goed? Een grote groep volwassenen die bezwijkt onder de druk en met burn outklachten kampt. Een grote groep kinderen die door de druk allerlei gedrag laat zien en de hulpverlening in komt met problemen die worden veroorzaakt doordat ook zij bezwijken onder de druk. Wat als we nu eens het meten van elkaar loslaten en van een basis uitgaan dat ieder mens evenveel waard is? Dat een bakker niet minder waard is dan een advocaat. Dat we opleiden in allerlei richtingen waarbij we het hoger en lager vervangen door praktisch en theoretisch zoals al vaak is voorgesteld? Want we hebben nu eenmaal praktisch en theoretisch opgeleide mensen nodig om onze maatschappij te kunnen laten draaien. Je kunt wel in theorie weten hoe je een huis bouwt, maar als je het niet kunt doen, kom je niet zo ver. Wat als we inzetten op ons als mens ontwikkelen? Leren hoe we empathisch met elkaar om kunnen gaan zodat iedereen een even goed gevoel kan hebben over zichzelf? Zouden we dan goed genoeg zijn? Ik heb hoop. Ik hoor zoveel mensen die zien dat dit niet werkt en die het anders willen voor zowel de kinderen als de volwassenen. Ik heb hoop dat we dit kunnen gaan veranderen. Ik heb hoop. En hoop doet leven.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.